HomeEmail info@calefax.nlPersVrienden van Calefax
Concertagenda Biografie Contact Winkel
Nieuws Programma's Beeld & geluid Gastenboek
Brothers of Invention

Programma
Frank Zappa   Black Page Suite
Stefan Signer   Dreadful Merchandise
Conlon Nancarrow   Studies for player piano
Charles Ives   Study no. 20
Ned McGowan   Wood Burn
Igor Stravinsky   Drie stukken voor klarinet solo
Klaas ten Holt   Americana (voor gitaar en rietkwintet)


Een programma rond één van de (hyper)actiefste geesten van de 20e eeuwse Amerikaanse muziek, Frank Zappa. Zijn Black Page Suite wordt ingebed in werk van onmisbare voorgangers en geďnspireerde navolgers. Verwijzend naar Zappa's legendarische band 'Mothers of Invention', brengt Calefax verwant­schappen aan het licht tussen een aantal van de meest inventieve componisten van de afgelopen 100 jaar.
Dat ook Zappa zelf zich graag in de traditie van de (Europese) modern-klassieke muziek plaatst, blijkt uit zijn reactie op pittige kritiek op zijn vroege albums. Ongehinderd door bescheidenheid zegt hij tot zijn critici: “Voordat je een oordeel velt, moet je je afvragen of je wel genoeg gegevens tot je beschikking hebt om te kůnnen oordelen. Want een jongen die nog nooit van Anton Webern of Igor Stravinsky heeft gehoord... als je niet eens weet waar die muziek vandaan komt, hoe het klinkt, wat de bedoeling ervan is - hoe kan je dan ooit bedenken dat je misschien wel naar extrapolaties daarvan aan het luisteren bent?”
Van Charles Ives heeft Zappa meer geërfd dan alleen een voorliefde voor uitbundige titels; ze delen ook hun maatschappijkritische houding en een gevoel voor humor dat vaak neigt naar provocatie. Relevanter is hun muzikale verbinding, die zich uit in het combineren van verschillende muziekstijlen en het verwerken van allerlei citaten in hun composities.
Ten minste één opvallende overeenkomst bestaat er tussen de Amerikaans-Mexicaanse componist Conlon Nancarrow en Frank Zappa. Beiden zochten hun toevlucht tot mechanische instrumenten, om de complexiteit van hun gedachten de vrije loop te laten, en zich niet te hoeven bekommeren om de technische beperkingen van musici. Nancarrow verzuchtte naar aanleiding van de matige instrumen­talisten om zich heen: “Zolang ik al componeer verlang ik er naar om verlost te worden van de muzikant”. Zappa beschrijft in zijn biografie zowel de voor- als nadelen van mechanisch voortgebrachte muziek: “De synclavier speelt vrolijk eindeloze ostinato’s tot ie blauw aanloopt - behalve dat ie nooit blauw aanloopt. Machines bezatten zich niet, worden nooit hun huis uitgezet en hebben geen hulp nodig bij het verhuizen van hun famillie in zogenaamde noodsituaties. Aan de andere kant zal een machine nooit midden in een nummer iets geks roepen, gewoon om de mensen aan het lachen te maken. Ik moet bekennen dat als ik zou moeten kiezen, ik af en toe bijna geneigd ben om te kiezen voor het 'menselijke' aspect”.
Een uitgelezen voorbeeld van de navolging die Zappa wereldwijd geniet is de Zwitserse componist Stefan Signer. Signer, alias Infrasteff en net als Zappa van origine een rockmuzikant, geeft met zijn grillige ritmiek en verglijdende harmonieën een ongegeneerd eerbetoon aan de hoofdpersoon van dit programma. Zijn Sheriff's Collection met Zappaëske subtitels als Dreadful Merchandise en Obscure Lunchtime Obsession is één van de eerste originele composities voor Calefax.
Het programma wordt gecompleteerd met twee nieuwe nederlandse werken van Ned McGowan en Klaas ten Holt, beiden componisten die van nature aan de (amerikaanse) rock-avant-garde verwant zijn. Ned McCowan schrijft: “Voor Calefax wilde ik een stuk maken met ritmische puzzels in verschillende stijlen, zoals rock, metal, Indiaas, en free-jazz, waarin ritmische complexiteit en eenvoud wordt gemengd met verschillende vormen van tonaliteit, en zelfs micro-tonaliteit”. Klaas ten Holt schreef een concerto voor akoestische (slide-)gitaar en rietkwintet, “waarbij ik muziek uit de oude wereld (Europa) op een collage-achtige manier tegenover die van de nieuwe wereld (Amerika) heb gezet, zoals ook Ives en Varèse verschillende muzikale blokken met elkaar lieten contrast­eren, of in een ruimtelijk perspectief plaatsten. Het Amerikaanse wordt vertegenwoordigd door de (slide-)gitaar en de saxofoon, met stijlcitaten uit de country en de blues, en fragmenten uit de reclame en de Amerikaanse B-film-cultuur. Klarinetten, hobo en fagot staan voor het Europese, waarbij ik heb geput uit de barok­, met de gitaar nu als continuo instrument, de traditie van het klassieke blaaskwintet, waar Calefax een verre nazaat van is, en de twaalftoonse muziek van de Tweede Weense School uit het hart van Europa.”
Dit programma kan twee gedaantes krijgen, al naar gelang de context van het concert. Op nieuwe-muziekpodia kan het bijvoorbeeld aangevuld worden met een bewerking van Density 21.5 van Varèse of Five van John Cage; maar met een selectie van de stukken speelt Calefax net zo makkelijk als support act op een poppodium.